|
Beklede utiliteit
14 maart 2002
De Eindhovense binnenstad bezit een uniek ensemble
wederopbouwblokken dat bedreigd wordt door verval en grootscheepse
stadsvernieuwing. Bescherming hiervan was het thema van de vierde
bijeenkomst Landelijk Wederopbouwoverleg van begin maart in de Witte
Dame te Eindhoven.

centraal station Eindhoven. |
Het ensemble bestaat allereerst uit vier kloeke, stedelijke bouwblokken
met grootwinkelvoorzieningen. Deze herbouw -van de per abuis gebombardeerde
binnenstad- wordt aangegrepen om de stad prominent op de kaart te
zetten. De gemeenteraad was overtuigd van de kansen om van Eindhoven
een moderne industriestad te maken.
De 4 blokken bevatten de Bijenkorf van Ponti, de Piazza, ertussen
het zeer bijzondere Piazzaplein met sculpturen van Negri; aan de
andere zijde van het 18 septemberplein twee enigszins klassiek geïnspireerde
bouwblokken: C&A en het "Lodewijksgebouw".
|
het zeer bijzondere Piazzaplein met sculpturen
van Negri. |
Het Piazza winkelcentrum is gerestyled door Fuksas waarbij het
plein vernietigd wordt en vervangen door een overdekte verkeersruimte.
Van het tweede stel gebouwen zijn er plannen om het Lodewijksgebouw
te muteren ter verbetering van de routing van het winkelcircuit.
Het tweede deel van het ensemble bestaat uit twee parallel lopende
winkelstraten die uitkomen op het 18 septemberplein met de vier
blokken. De eerste straat, de Demer, is ontstaan onder supervisie
van Van der Laan, architect van het zojuist door Arie van Rangelrooy
en Bert Staal gerenoveerde stadhuis. De zeer dure bouwgrond werd
mondjesmaat uitgegeven zodat het erg lang duurde voordat de stad
op deze plek aangeheeld was en weer toekomstgeloof kon uitstralen.
De pandsgewijze uitgifte aan particuliere ondernemers en hun lokale
architecten heeft in de licht gebogen winkelstraat geleid tot een
scala aan architectuuropvattingen die in de 50-jaren golden: van
modernisme tot traditionalisme. De straatwanden zijn nog geheel
gaaf; het lijkt wel een oude Soeters.
Parallel hieraan bevindt zich de Hermanus Boexstraat. Heel andere
koek. De gemeenteraad was de trage pandsgewijze uitponding aan winkeliers
beu, gaf van der Laan de bons. De druppel die de emmer deed overlopen
was het ontwerp van de brug over de Dommel dat niet modern genoeg
was. Er startte een PPS-project avant la lettre. Hierbij ontstond
in einem Guss een Lijnbaanachtige straat in fel oranjerode baksteen
waarbij de plastische architectuur een zeer aantrekkelijk dynamisch
straatbeeld oplevert. Het kan zo weer worden opgebouwd. De opzet
is maximaal flexibel: ruimtescheidingen zijn niet constructief.
De technische kwaliteit van de gevel is echter dermate onderkomen
(vochtschade, scheurvorming) dat vervanging van het metselwerk noodzakelijk
is.

Hermanus Boexstraat . |
Het verzamelde gezelschap had geen moeite zich achter de organisatoren
van de dag te scharen en zich uit te spreken voor behoud en herstel
van deze sterke stedebouwkundige momenten in de Eindhovense geschiedenis.
Het begrip 'beklede utiliteit" viel daarbij: rationele bouwmethoden
ten gunste van een rap bouwtempo in de naoorlogse malaise, waar
diverse architecturen omheen gehangen kunnen worden. Decorated sheds
dus, die het vooruitgangsidee in diverse gedaanten uitstralen.
Wethouder Backhuis (VVD) constateerde in zijn openingstoespraak
dat velen nog niet begrijpen wat de kwaliteit van de wederopbouw
is. Hij moet daarbij ook zijn eigen diensten in gedachten hebben
gehad: de verloedering van bijv. de Hermanus Boexstraat en de Bakemawijk
't Hool worden pas sinds zeer recent besproken. In de combinatie
vernieuwing en behoud (waarbij hij de Witte Dame, verbouwd door
Bert Dirrix, ten voorbeeld stelde) moet, zo stelde hij, een levensvatbare
toekomst voor de wederopbouwarchitectuur gevonden worden. Dit stelt
echter zeer hoge eisen aan opdrachtgevers, architecten en toetsende
overheid.
Koos Bosma drukte in zijn inleiding de aanwezigen met de neus op
de keiharde realiteit van de tweede wereldoorlog in Nederland. Het
feit dat er bijv. in Rotterdam en Eindhoven veel meer gesloopt is
dan gebombardeerd, om ruimte te maken voor een nieuwe stad, maakte
nog eens duidelijk welke tijdgeest er heerste. De Vinexoperatie
ziet hij als sluitstuk van de inspanning om de naoorlogse woningnood
op te lossen. Hierbij is de staatsplanning alom aanwezig, aanbodgericht
en zuinig.

bijschrift . |
Piet Beekman haalde relevante feiten uit zijn levenswerk naar voren:
de geschiedenis van Eindhoven tot 1960. Hierbij pleitte hij o.m.
voor veel meer aandacht voor het station van Van der Gaast. Dit
gebouw zal in de naaste toekomst betrokken worden in de nieuwe plannen
voor de spoorzone. Met name de gave baksteenarchitectuur en de megapui
in de voorgevel ('de radio') van de stationshal en de unieke constructie
van de perronoverkappingen (hergebruikte Bailey brugelementen die
de Amerikanen achterlieten) lopen gevaar verder te worden aangetast.
Carel van Dijk zette als hoofd van de afdeling Strategie van de
gemeente Eindhoven het toekomstige beleid voor de binnenstad uiteen.
Een indrukwekkende en inspirerende cascade van projecten aan de
rand van de binnenstad werden benoemd in termen van hofoplossingen.
De bedoeling is de moderne open stad te voorzien van meer besloten
intieme ruimtes de beschutting kunnen bieden. Het planningsuitgangspunt
hierbij is om meer te profiteren van het organiserend vermogen van
architecten, bedrijfsleven en kennisinstituten. Het kan niet toevallig
zijn dat onlangs de verzamelde Eindhovense architecten, onder de
titel "vloeibaar goud", een manifest aan zijn dienst stuurden
waarbij de gemeente werd opgeroepen iets te doen met de grote stapel
bouwinitiatieven die niet behandeld kunnen worden vanwege capaciteitgebrek
of achterblijvende visie.
Naast de nieuwe Effenaar (MVRDV), de Van Abbe-uitbreiding (Cahen
en Van Severen), het nieuwe Dynamo (Dirrix) en het verbouwde stadhuis
met een cultureel programma ziet hij nog kans een geheel nieuw cultureel
centrum te entameren aan de zuidrand van de binnenstad, in een van
de prachtige oude fabrieken.
In de discussie na de inleidingen werd aandacht gevraagd voor de
kwaliteit van het publieke domein. Vercommercialisering en bezuiniging
in uitvoeringskwaliteit hebben de Eindhovense binnenstad een goedkoop
uiterlijk gegeven.
De nieuwe gemeenteraad krijgt een mooie taak: het gemeentebestuur
aan haar voornemens houden om meer het voortouw te gaan nemen. In
die zin ligt er een link met de wederopbouw: terug pakken van de
leidende rol van de overheid.
Harrie van Helmond |