|
Hoog Wonen schreeuwt om inventiviteit
29 november 2001
Wonen in hoogbouw mag weer in Nederland nu de angstvisioenen
van de jaren zestig hoogbouw verdwenen zijn. Elke ambitieuze Nederlandse
stad kent wel een hoogbouwproject. Koploper is Rotterdam waar in
het centrum een hoogbouwcluster ontstaat waar woontorens een belangrijk
onderdeel van uitmaken. In deze stad hield de dienst Stedenbouw
en Volkshuisvesting (dS+V) een discussie over de toekomst van het
Hoge Wonen. Een verslag van Frido van Nieuwamerongen.

Hoogbouw in Rotterdam. Over een paar jaar staan
hier 46 torens waarvan 16 woontorens. |
 |
Martin Aarts, stedenbouwkundige bij de dienst dS+V, legde uit waarom
Rotterdam wel moet kiezen voor Hoog Wonen: 'In Rotterdam verschuift
het economische zwaartepunt van de haven naar de stad. Binnenkort
staan tegenover 50.000 havenarbeiders 100.000 werknemers in de stad.
Rotterdam is dan niet langer een havenstad, maar een stad met een
haven. Een Europese stad waar de bewoners trots op moeten zijn.
En dan moeten er niet alleen 100.00 mensen in de stad werken maar
er ook 100.000 wonen. Dan krijg je een stad die bruist, die zindert
en die aantrekkelijk is voor mensen én bedrijven. Om zoveel
bewoners naar de stad te lokken moet je wel de hoogte in'
John Worthington, hoogbouwadviseur van de gemeente Rotterdam, ondersteunt
Aarts opvatting. Maar hij waarschuwt wel dat je zeer voorzichtig
moet zijn met hoogbouw. Het moet niet per project bekeken worden
maar op stadsniveau. En je kunt niet straffeloos hoogbouw plaatsen.
Ze mogen geen energie uit de omgeving wegzuigen, ze dienen innovatief
te zijn en vooral geen klonen van torens uit andere culturen.
Echt oorspronkelijk en innovatief zijn de meeste hoogbouwprojecten
in Rotterdam niet, zo beamen de sprekers, maar is er verbetering
te verwachten? Twee bureau's, O.M.A. en Mecanoo, presenteerden elk
hun ontwerp voor een nieuwe toren op de Wilhelminapier.

Montevideo op de zuidzijde van de Wilhelminapier
van Mecanoo. |
Wat de beide ontwerpen gemeen hebben is een sterke afkeer van functiescheiding.
Terwijl in het oorspronkelijke stedenbouwkundige plan van Norman
Foster aan elke toren één functie was toegekend, bestond
de eerste stap van beide bureau's uit het doorbreken van deze hokjesgeest.
Een grotere complexiteit is gewenst om een aantrekkelijk gebouw
te maken, niet alleen als beeld maar ook in het gebruik.
Het meest uitgesproken hierin is O.M.A. Zij zet zich af tegen het
ideaal van de slanke hoge toren en kiest voor een stedelijk, bijna
massief gebouw. 'in de traditie van een typisch Rotterdamse stedelijk
gebouw als het Groothandelsgebouw' zo legt Reinier de Graaf van
O.M.A. uit. Het ontwerp kenmerkt zich door een grote verscheidenheid
aan functies. Een vernuftige ontsluitingsoplossing moet tot een
kruisbestuiving tussen de programmaonderdelen leiden.

De Rotterdam aan de noordzijde van de Wilhelminapier
van O.M.A. |
Bij het ontwerp van Mecanoo ligt het innovatieve karakter vooral
in het ontwerpen van een serviceconcept. Het gebouw kent een grote
verscheidenheid aan woningen, flexibel en elk met een bijzonder
uitzicht.
Beide bureaus hebben getracht de scheiding tussen wonen en werken
op te heffen. En hoewel dit eenvoudig lijkt, blijkt realisatie bijna
onmogelijk. 'Het is vaak geprobeerd maar er zijn nauwelijks voorbeelden
waar het werkelijk gelukt is' aldus Reinier de Graaf. In de uitwerking
van hun plan is dit idee daarom verlaten en worden de functies in
aparte blokken ondergebracht.
De slotvraag is voor Worthington: 'Zijn deze gebouwen voldoende
innovatief om een positieve bijdrage aan de stad te leveren?' Worthington
denkt van wel. 'Wat me vooral aanspreekt is de aandacht voor de
servicediensten. Het ontwikkelen van service gaat in de toekomst
een belangrijke rol spelen in het ontwerp van hoogbouw. Daarnaast
zijn beide gebouwen ook duidelijk eigen ontwerpen die boven de middelmaat
uitsteken. Het zijn gelukkig absoluut geen klonen'
Misschien is de belangrijkste conclusie van deze middag wel dat
hoogbouw te dominant is om middelmatig te kunnen zijn. En dat het
daarom meer moet zijn dan een kek jasje rondom een saai programma.
Een aanbeveling niet alleen voor Rotterdam, maar voor elke Nederlandse
stad met hoogbouwkoorts.
 |
Frido van Nieuwamerongen
informatie:
Stichting
Hoogbouw
Rotterdamse
Hoogbouw
Hoogbouwforum
|